Een lezer die anoniem wil blijven stuurde ons zijn ervaring met microdosing, wat hem heeft geholpen zijn zware depressie te verlichten.

LSD bij depressie

Mijn achtergrond kan ik kort houden. Ik ben een man, 33 jaar. Op vierentwintigjarige leeftijd werd ik gediagnosticeerd met een ongeneeslijke vorm van leukemie. Mijn prognose was niet best. Doch, ik ben er nog en kan dit schrijven.

Ik wil vooropstellen dat ik geen arts ben en ook geen wetenschapper. Ik ben (helaas, en tegen mijn vrije wil in) een ervaringsdeskundige als het op geestesziekte aankomt. Mijn beweringen zijn dan ook 100% anekdotisch en vertellen alleen hoe ik de dingen heb ervaren, vanuit mijn perspectief.

Met de kanker kwam ook depressie. Terugkijkend kan ik zeggen dat ik meer last heb gehad van deze depressie, dan de kanker die diezelfde depressie veroorzaakte, met uitzonderingen van de chemokuren.

Depressie

De psychologen en vooral de psychiaters die ik consulteerde met betrekking tot die depressie en het lijden onder diezelfde depressie, kwamen eigenlijk altijd tot dezelfde conclusie: medicatie in de vorm van antidepressiva. Verbazingwekkend snel kwamen ze tot die conclusie ook altijd. Alsof er geen keuze was.  Of je neemt geen behandeling. Of je neemt antidepressiva. Een soort vals dilemma.

Medicatie in de vorm van antidepressiva heb ik altijd geweigerd, en zal ik altijd weigeren. Over deze vorm van medicatie lees en hoor ik te veel nare verhalen over zware bijwerkingen en contraproductieve werking. Dit uiteraard naast vele positieve verhalen. Echter, naar mijn mening, hoor ik meer negatieve klanken dan positieve klanken.

Sommige experimentele studies met LSD suggereren dat een microdosis LSD die te klein is om enige merkbare effecten te veroorzaken, de stemming kunnen verbeteren en depressieve gedachten kunnen tegengaan. Dit zijn slechts enkele van de vele positieve bijwerkingen die gerapporteerd worden door personen die microdoseren. En wat ik gelukkig ook zelf heb mogen ervaren.

In het verleden, ver voordat ik ziek werd en ik gewoon een gezonde Hollandse jongen was, had ik al ervaring opgedaan met psilocybine. Psychedelica waren dus niet geheel nieuw voor mij. Toen ik vanuit Amerika berichten ontving (ik ben lid van veel patiëntenforums) waarbij patiënten opmerkelijke resultaten behaalden met het microdoseren van psychedelica, was mijn interesse direct gewekt.

Omdat ik geen ervaring had met lsd, maar wel met de wonderbaarlijke (positieve) effecten op mijn denken en geest van psilocybine, was ik erg benieuwd of het microdoseren van lsd mij kon ondersteunen in de strijd tegen mijn depressie.

LSD

De keuze om wel een stof als LSD te proberen en niet antidepressiva rationaliseerde ik naar mezelf toe als volgt:

– LSD is de generieke naam voor de hallucinogeen lysergic acid diethylamide-25, ontdekt door Dr. Albert Hofmann in 1938. Tot aan zijn dood (hij werd er 102 mee) was hij een promotor voor het veilig en verantwoordelijk gebruik van microdoseringen lsd als middel tegen bijvoorbeeld depressie of ADHD. Of in het minste geval een groot voorstander van meer onderzoek naar de stof lsd als mogelijk alternatief voor huidige anti-depressiva. Waar rook is, is vuur. En Albert Hofmann creëerde naar mijn mening heel veel rook.

– We praten over het microdoseren van de stof lsd. Microdoseren is het integreren van zeer kleine dosissen (microgrammen) psychedelica in de wekelijkse routine. Deze dosissen zijn zo klein dat zij ogenschijnlijk geen merkbaar effect hebben.

– LSD is een relatief veilige stof; over het algemeen wordt erkend dat er geen geregistreerde menselijke sterfgevallen zijn die direct gerelateerd zijn aan een overdosering van lsd. Ook wordt over het algemeen erkend dat er bij lsd geen lichamelijke en geestelijke afhankelijkheid optreedt.

– Alhoewel er risico’s kleven bij elke inname van welke stof dan ook, vond ik de risico’s van lsd – ook gelet op mijn eerdere ervaringen met psychedelica – verwaarloosbaar. Ik had geen reden om aan te nemen dat de gerapporteerde negatieve bijwerkingen van psychedelica op mij effect zouden hebben. Daarnaast praten we over inname van enkele microgrammen. De hoeveelheid maakt het gif.

Praktische problemen

Bij de beslissing om enige tijd te gaan microdoseren liep ik al snel tegen praktische problemen op.

Hoe kom ik aan LSD? En waar kan je het laten testen? Kan ik het zelf produceren?
Niet verwonderlijk bleek het kopen van lsd een stuk gemakkelijker te gaan dan zelf te maken of het laten testen van diezelfde stof. Ik had dan ook snel enkele ‘zegeltjes’ lsd in bezit.

Maar hoe wist ik nu zeker of dit lsd was. En zo ja; wat was de hoeveelheid aan stof dan precies?
De testcentra blijkt wel te testen of de zegel lsd bevat, maar de test om te bepalen hoeveel lsd de zegel dan bevat is te duur om uit te voeren. Mijn verzoek om de kosten dan zelf te betalen gingen zij verder niet in. Het kon niet. Basta.

Daarnaast speelde er het probleem van inname. Wat is de juiste hoeveelheid, hoe frequent? Allemaal vragen waar onderzoek voor nodig is, wat er (vrijwel) nog niet is.

Wel vond ik vele verhalen en anekdotes van patiënten en niet-patiënten die al aan het experimenteren waren met micro doseringen psychedelica. Allemaal gebruiken ze verschillende methodes. Ik zal alleen beschrijven welke manier ik uiteindelijk gevolgd heb.

Allereerst heb ik mijzelf zoveel als dat mogelijk is ingelezen over het onderwerp om vervolgens met die informatie mijn eigen conclusies te trekken.

Daarna heb ik vastgesteld wat het effect was van een hele zegel, een halve zegel en een kwart zegel.

Mijn conclusie was dat één hele of één halve zegel zoals verwacht resulteerde in een trip. En een kwart zegel lsd, minimale effecten produceerde maar nog te veel om goed te kunnen functioneren.

Uiteindelijk bleek voor mij dat 1/5de deel van de zegel te weinig bleek om enig merkbaar effect te hebben of invloed uit te oefenen op mijn functioneren, maar genoeg om de subtiele hint op te vangen dat het middel zijn werk deed.  Hoeveel microgram lsd die 1/5de van de zegel dan precies bevat weet ik niet. Persoonlijk denk ik ergens tussen de 20 en 50 microgram. Er van uitgaande dat een zegel gemiddeld 100 tot 200 microgram lsd bevat. Zelf ben ik 1.89 lang en weeg 115 kg.

Week 1 tot en met 5

Vervolgens heb ik verschillende methodes geprobeerd over een periode van 5 weken. Uit het dagboek dat ik bijhield in die dagen bleek al snel in de eerste week dat elke dag microdoseren niet werkt.  Al op dag 2 rapporteerde ik dat het effect minder werd en op dag 3 helemaal geen effect.  Vervolgens heb ik tot dag 7 niet gedoseerd.

Week 2 heb ik om de dag gedoseerd. Ook hier trad vrij snel tolerantie op, op dag 5 meld ik al geen effect meer te ervaren. Wel schreef ik dat ik het gevoel heb dat de positieve effecten die ik ervaar op de dagen dat ik doseer, in mindere mate doorwerkt op de dagen dat ik niet doseer. Ik besluit paar dagen niet te doseren.

Week 3 en week 4 ondervind ik het probleem van het niet kunnen laten testen.

Ik neem iets te veel en meld op dag 1 dat alhoewel ik me prima voel en ik geen negatieve bijwerkingen voel, ik niet in staat ben productief te zijn. Doseren luistert dus heel nauw en zonder harde cijfers is het onmogelijk om consequent een exacte dosis aan te houden.

Op dat moment begin ik met het microdoseren om de twee dagen. Ik doe dit paar dagen en meld alleen maar positieve effecten. Onder andere rust in het hoofd, drang om te ondernemen en hoge mate van energie. Op de dagen dat ik niet doseer schrijf ik dat ik geen nare bijwerkingen voel en dat het positieve gevoel doorwerkt.

In week 5 meld ik dat ik onregelmatig doseer omdat het positieve effect goed doorwerkt over meerdere dagen. In week 5 heb ik dan ook alleen maar op 2 dagen een dosis ingenomen.

Week 5 tot en met 10

Vanaf week 5 tot week 10 heb ik bewust helemaal niet gedoseerd om te kijken of er enige vorm van afhankelijkheid optrad en of het positieve effect doorwerkte. Ik persoonlijk ervaarde geen gevoel of drang, en ook geen gemis, waardoor ik het middel opnieuw wilde gebruiken. Wel schrijf ik dat ik in de tweede week van onthouding alweer terugval in oude (negatieve) gewoontes en manieren van denken.

Conclusie

Terugkijkend op de maand dat ik wel doseerde voelde ik mij over het algemeen gelukkig. Ik had weinig negatieve gedachten, veel meer energie en de wil om daadwerkelijk klussen af te maken. Ik heb vaak gezegd dat ik mij moeilijk kan herinneren hoe het voelde om niet depressief te zijn. Tijdens de maand doseren besefte ik dat dat ik mij voelde als voordat ik depressief werd.  Tijdens de maand waarin ik niet doseerde viel ik al snel terug in oude patronen en gewoonten. Veel negatief denken, veel malen over het ziek zien en niet verantwoordelijkheden nemen.

Als conclusie kan ik melden dat in mijn geval, het microdoseren een potentieel lijkt te hebben om mijn gedachten en gevoelens te ordenen. Ik ben dan ook van plan verder te gaan experimenteren met het microdoseren van lsd.

 

Microdosing.nl is niet verantwoordelijk voor de inhoud van de ervaringsverhalen, wij kunnen deze niet op waarheid, correctheid of nauwkeurigheid controleren. Het beschrevene is niet noodzakelijkerwijs ondersteund door wetenschappelijk bewijs of door artsen of deskundigen. De ervaringen mogen in geen geval worden gelezen als een advies of aanbeveling. 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *